Hoe wij rekenen
De rekenmethode achter de impactcalculator: welke data erin gaat, welke aannames erin zitten, en waar het model onzeker is.
Welke data
Instraling
Wij gebruiken de uurwaarden globale straling die het KNMI publiceert (parameter Q, in joule per vierkante centimeter per uur). Voor 6 stations hebben wij de jaren 2016–2025opgehaald en per uur van het jaar het gemiddelde over die jaren genomen. Het resultaat is een normaaljaar van 8.760 uren per klimaatzone: geen voorspelling, maar een beeld van hoe een gemiddeld jaar eruitziet. Dat is de juiste basis voor een beslissing over een installatie die er nog twintig jaar op ligt.
| Zone | KNMI-station | Waarnemingen | kWh/m² per jaar |
|---|---|---|---|
| noordzeekust | De Kooy (235) | 87.696 | 1158 |
| noordwest | Schiphol (240) | 87.696 | 1114 |
| midden | De Bilt (260) | 87.696 | 1099 |
| noordoost | Eelde (280) | 87.696 | 1065 |
| zuidwest | Vlissingen (310) | 87.696 | 1183 |
| zuidoost | Maastricht (380) | 87.696 | 1124 |
Het verschil tussen de zonnigste en de somberste zone is 11.1%. Dat is echt en de moeite van het meenemen waard, maar het is kleiner dan de onzekerheid in wat de meeste mensen over hun eigen verbruik weten.
Bron: KNMI, uurwaarden globale straling (parameter Q) · CC-BY 4.0 (KNMI) · opgehaald op 2026-07-26
Verbruiksprofiel
Een jaarverbruik is één getal, en wat op 1 januari 2027 verandert hangt af van wanneer je dat verbruikt. Netbeheerders lossen datzelfde probleem al op: zij verdelen het verbruik van kleinverbruikers over het jaar met standaard verbruiksprofielen — voor elke profielcategorie een jaar aan kwartierfracties die samen precies één zijn.
Wij gebruiken de echte tabel. Je kiest zelf welke van de drie huishoudcategorieën bij je meter past — één tarief (E1A), dag en nacht (E1B) of dag en avond (E1C) — en dat verandert de vorm van je verbruikscurve, niet alleen een label.
| Categorie | Som van de fracties | Piek/dal | Aandeel 10–16 uur |
|---|---|---|---|
| E1A | 1.000012 | 5.0× | 27.4% |
| E1B | 0.999998 | 4.8× | 27.4% |
| E1C | 1.000004 | 5.4× | 26.0% |
Die laatste kolom is waar het om draait: ruim een kwart van het jaarverbruik van een huishouden valt in de uren dat de zon iets doet. Dat aandeel bepaalt hoeveel van je opwek je direct zelf gebruikt.
Bron: NEDU standaard verbruiksprofielen elektriciteit · De Energiemanager, in opdracht van NEDU · toepassingsjaar 2015, versie 1.00 · Publiek beschikbaar (NEDU, via De Energiemanager) — bron vermelden · opgehaald 2026-07-26
Twee dingen die aan dit profiel schuren.
- Toepassingsjaar 2015. Warmtepompen en thuisladers zijn sindsdien toegenomen en voegen beide avondverbruik toe, precies wanneer de zon al weg is.
- Een allocatieprofiel is een gemiddelde over honderdduizenden aansluitingen en heeft dus niet de pieken van één huishouden. Een vlakkere verbruikscurve overlapt meer met de zon, dus het eigenverbruik komt hoger uit dan een individueel huishouden haalt — en dat maakt het effect van 2027 kleiner dan het is.
Het tweede punt heeft een richting, en het is niet de gunstige. Een gemiddeld profiel geeft een eigenverbruik van rond 40%, terwijl Nederlandse veldstudies voor losse huishoudens 25 tot 35% rapporteren. Dat betekent dat deze rekentool het effect van 2027 eerder te klein dan te groot maakt. Wij zetten het erbij omdat een model dat afwijkt in de richting die de lezer prettig vindt, dat hoort te zeggen.
Tarieven
De standaardwaarden in de calculator staan in de tabel hieronder, met per waarde of hij herleidbaar is tot een bron of dat wij hem hebben gekozen. Alle vier zijn te overschrijven; je eigen contract weet het beter dan wij.
| Waarde | Standaard | Soort | Bron |
|---|---|---|---|
| Leveringstarief, all-in | 0,26 | gemeten | Landelijke gemiddelden van energievergelijkers (2026-07) |
| Energiebelasting per kWh | 0,111 | gemeten | Belastingdienst, tarieven energiebelasting 2026 (2026-01) |
| Terugleververgoeding | 0,05 | aanname | Aanname — geen gecontroleerde publieke bron (2026-07) |
| Vaste kosten per jaar | 400 | aanname | Aanname — verschilt per netbeheerder en leverancier (2026-07) |
| Systeemrendement | 0,85 | aanname | Aanname — veldgemiddelde (2026-07) |
Het model
- Je verbruik over het jaar verdelen. Het jaarverbruik wordt met het NEDU-profiel van jouw categorie over 35.040 kwartieren verdeeld. Omdat de fracties tot één sommeren, telt het resultaat weer op tot precies wat je invulde.
- De zonnestand bepalen. Per uur, op de coördinaten van het KNMI-station van jouw zone. Declinatie volgens Cooper, tijdsvereffening volgens Spencer.
- De straling splitsen. Het KNMI meet op een horizontaal vlak, maar alleen de directe zonnestraal trekt zich iets aan van de richting van je dak. De splitsing tussen direct en diffuus gaat volgens de Erbs-correlatie. Dit is in Nederland geen detail: ongeveer twee derde van de jaarlijkse instraling komt diffuus binnen, en op een grijze decemberdag vrijwel alles.
- Naar het schuine vlak rekenen. Met het Perez-model uit 1990, inclusief de heldere ring rond de zon en de opgelichte horizon. Wij begonnen met het eenvoudigere HDKR-model, dat de hemel als een gelijkmatige koepel behandelt. Dat gaf een noorddak 82% van de opbrengst van een zuiddak, waar de praktijk rond 60% zit — een verschil dat iemand met een noorddak precies het verkeerde zou vertellen.
- Naar wisselstroom. Via een systeemrendement van 0.85, waarin temperatuur, vervuiling, kabelverlies, omvormerrendement en veroudering samen zitten. Daarna wordt de uurreeks naar kwartieren geïnterpoleerd, waarbij de energie per uur behouden blijft.
- Kwartier voor kwartier salderen. Per kwartier is wat je direct verbruikt het minimum van verbruik en opwek; de rest gaat terug of komt van het net. Zo wordt je eigenverbruik berekend in plaats van gevraagd.
- Twee regimes vergelijken. Tot en met 2026 worden teruglevering en afname over het jaar tegen elkaar weggestreept, tot maximaal wat je hebt afgenomen. Vanaf 2027 niet meer: je betaalt het volle tarief over alles wat je afneemt en krijgt de terugleververgoeding over alles wat je teruglevert.
Het verschil tussen die twee is precies het weggestreepte aantal kilowattuur maal het gat tussen je leveringstarief en je terugleververgoeding. De code rekent het allebei uit — één keer door de totalen af te trekken en één keer met die formule — en een test controleert dat ze gelijk uitkomen.
De aannames
- Het modeljaar telt 365 dagen van 96 kwartieren. Een schrikkeldag en de twee uren die de zomertijd geeft en neemt zijn niet gemodelleerd. Samen is dat ongeveer een honderdste procent van het jaar.
- Je postcode bepaalt je zone via reeksen, niet via de afstand tot het dichtstbijzijnde station. Er zijn 17 reeksen die samen 1000 tot 9999 dekken. Vlak bij een grens zou de buurzone soms een paar procent beter passen. De calculator vermeldt welk station hij gebruikte, zodat je het kunt nagaan.
- Eén tarief, geen dag- en nachtprijs. De keuze voor een dag/nacht-profiel verandert wel de vorm van je verbruik, want mensen met een nachttarief draaien de wasmachine op andere momenten.
- Geen schaduw, geen vuil, geen defecte optimizer. Het model kent je dak niet.
- De vaste kosten zijn in beide regimes gelijk en vallen dus weg uit het verschil. Ze staan er alleen zodat de totaalbedragen te vergelijken zijn met je eigen jaarafrekening.
Waar dit misgaat
Het model is opgebouwd uit gepubliceerde correlaties met bekende foutmarges, niet uit iets wat wij op deze site hebben gefit. Waar het vandaan komt, komt ook zijn onzekerheid vandaan.
- De opbrengst van een goed georiënteerd dak komt bij ons rond 1.040 kWh per kWp uit. De vuistregel die installateurs noemen is ongeveer 880. Dat verschil is geen fout: de vuistregel middelt over daken met schaduw, stof en niet-ideale hoeken, en dit model rekent het dak dat je invult. Zit je systeem er structureel onder, dan is dat informatie over jouw dak.
- Het eigenverbruik komt voor een huishouden zonder batterij rond 40% van de opwek uit, waar veldstudies voor individuele huishoudens 25 tot 35% geven. Het is tegelijk het cijfer dat het gevoeligst is voor het verbruiksprofiel, en het ligt door de vlakkingsbias aan de hoge kant — zie de kanttekening hierboven.
- De terugleververgoeding is een aanname en geen gemeten gemiddelde. Zij bepaalt het antwoord bijna even sterk als je leveringstarief. Vul je eigen cijfer in.
Getoetst aan een echte jaarafrekening
Dit is nog niet gedaan. Het model is per onderdeel getest — 261 geautomatiseerde tests op de parsers, de zonnestand, de transpositie en de salderingsrekensom — en de uitkomsten liggen op elk controlepunt binnen wat er over Nederlandse daken bekend is. Maar tegen een echte jaarafrekening van een echt huishouden is het nog niet gelegd.
Zolang dat niet is gebeurd, staat het hier zo. Wij zetten er geen vinkje bij dat wij niet hebben verdiend, en de dag dat de vergelijking is gemaakt komt de uitkomst hier te staan — ook als die tegenvalt.
Heb je een jaarafrekening en weet je je opwek, je verbruik en je installatie? Dan helpt het ons meer dan wat ook.
Hoe vaak dit wordt ververst
- Instraling: jaarlijks. Het normaaljaar schuift één jaar op zodra het KNMI het afgelopen jaar heeft afgesloten (2016–heden, tien jaar diep).
- Tarieven: per kwartaal, of eerder als er iets verschuift dat het waard is te melden.
- Wetgeving: dagelijks gevolgd via de officiële bekendmakingen. Verandert er iets aan de regels rond 2027, dan verandert deze pagina mee.